ORC Klasse

ORC is een ratingsysteem om verschillende typen jachten op een zo eerlijk mogelijke manier wedstrijden te laten varen. Het systeem is eigendom van en wordt ontwikkeld en beheerd door het Offshore Racing Congress (ORC), ORC is een internationale organisatie waarvan nationale autoriteiten, zoals het Watersportverbond, aandeelhouder c.q. eigenaar zijn.

De ORC ratingberekening is volledig gebaseerd op gegevens van romp en tuigage. De ratingbepaling is volledig objectief en calculeert de theoretische snelheid van de boot in diverse omstandigheden.
ORC Club is een ratingsysteem om verschillende typen jachten op een relatief eenvoudige wijze op een zo eerlijk mogelijke manier wedstrijden te laten varen.

Een digitaal rompbestand (offset file) is een belangrijk onderdeel in de handicap berekening. Het ORC maakt gebruik van een wereldwijde database met rompbestanden (offsetfiles). Indien er geen offset file beschikbaar is, wordt in overleg met de eigenaar een manier gevonden om een rompbestand te verkrijgen. Er kan eventueel een rompmeting met laserapparatuur uitgevoerd worden.

Meer informatie over de ORC klasse kun je vinden op de website van de ORC organisatie.

Meer informatie over de andere klassen:

Veel gestelde vragen

Heb je vragen over de ORC klasse? Hieronder staan veelgestelde vragen en de bijbehorende antwoorden.

  • De afkorting ORC staat voor Offshore Racing Congress en het doel van deze organisatie is: "It is the spirit and intent of the rule to promote the racing of seaworthy offshore racing yachts of various designs, types and construction on a fair and equitable basis.".

    De basis voor de ORC regel ligt al in 1883.

  • ORC Club is lid van de IMS familie. ORC Club gebruikt dezelfde technologie, maar is in het gebruik eenvoudiger. De belangrijkste verschilpunten zijn in de meting, in de inhoud van de meetbrief en in het aantal scorings opties. Door de eenvoudiger meting is de ORC Club handicap onnauwkeuriger dan een IMS handicap. Voor bekende productie schepen speelt dit minder dan voor bijzondere typen, gemodificeerde schepen of one off’s. Is deze onnauwkeurigheid belangrijk? Het antwoord op die vraag hangt af van het niveau waarop gezeild wordt. In orde van grootte moet je denken aan een procent bij de eerste groep oplopend tot over vijf procent voor bijzondere typen.

  • Het betekent niet dat stabiliteit niet mee genomen wordt in de bepaling van de handicap. Dat is wel degelijk het geval, maar gebeurt op een generieke manier. Er zijn immers geen specifieke gegevens bekend. Een generieke berekening is uiteraard onnauwkeuriger dan wanneer er een meting was gedaan. Stabiliteit is een belangrijke prestatiefactor. Hoe lager het zwaartepunt hoe beter de prestatie. Omdat de stabiliteit niet gemeten wordt is het in ORC Club voordeliger om het gewicht zo laag mogelijk te plaatsen. Net als in IRC zo’n beetje. De praktijk in IMS om gewicht uit de kiel te vervangen door binnen ballast heeft in ORC Club geen zin.

  • GPH, wat staat voor General Purpose Handicap is het meest algemene handicap getal en wordt gebruikt om schepen met elkaar te vergelijken of om klassen in te delen. De GPH vind je altijd op deelnemerslijsten. GPH kan ook gebruikt worden voor het scoren van wedstrijden maar in ons land is hiervoor Time-on-Time (ILC) en Triple-Number gekozen. De GPH is niet zomaar een getal maar is in feite de gemiddelde snelheid van het schip op een cirkelvormige baan (rondje om een eiland) De GPH wordt uitgedrukt in seconden per mijl. Een GPH van 600 betekend dat een schip op de beschreven baan 600 seconden over een mijl doet. Een mijl in 600 seconden betekent 6 mijl in een uur en dat is dus een snelheid van zes knopen.

    Algemeen kan een GPH omgerekend worden naar snelheid volgens: snelheid (in knopen) = 3600 / GPH (sec/mijl)

  • In Nederland is afgesproken de Time-on-Time (T-o-T) handicap te gebruiken. Zie scoring selection C op de meetbrief. T-o-T is een zgn. tijd vermenigvuldigings factor, een genormeerd getal rond de één . Afgekort TMF van Time Multiplying Factor. Met een TMF is een uitslag buitengewoon eenvoudig te berekenen.

    De formule is: berekende tijd = gezeilde tijd x TMF.

    De snelste berekende tijd wint. Voor twee schepen met handicaps van 0,900 resp. 1,000 en gezeilde tijden van 60 resp. 55 minuten gaat het als volgt:

    Schip A: berekende tijd is 60 x 0,900 = 54 minuten

    Schip B: berekende tijd is 55 x 1,000 = 55 minuten

    A heeft dus gewonnen

  • Triple-Number wordt toegepast op nationale wedstrijden. Triple-Number adresseert het probleem dat schepen ongelijk presteren afhankelijk van de windsterkte. Je hebt schepen die presteren bij harde wind en andere bij licht weer. Triple-Number houdt daar rekening mee door te werken met drie handicaps. Afhankelijk van de windsterkte wordt één van de drie bij de start gekozen. De keuze wordt op het startschip getoond (L, M of H) Triple-Number verbetert de kans op een goed resultaat ongeacht het weertype. Elk van de drie Triple- Number handicaps is een TMF. De uitslagberekening gaat verder als bij T-o-T.

  • Het kan een administratieve fout zijn, maar waarschijnlijk zijn de schepen toch niet helemaal hetzelfde. ORC Club houdt rekening met het precieze oppervlak van de zeilen en hoe deze “gevoerd” worden. Vergelijk eens de maten van zeilen. Of de lengte van de spiboom (SPL). Ook het bemanningsgewicht maakt verschil. Het eenvoudigst gaat dit via de scheepslijsten op www.watersportverbond.nl/rating . Deze zijn juist voor het opsporen van deze verschillen gemaakt.

  • Niet. Wel is er een algemene leeftijd vergoeding van 0,065% per jaar tot maximaal 20 jaar (1,3%) Maar verder wordt er in de handicap geen rekening gehouden met de staat van het schip en de kwaliteit van de materialen. Evenals er in de handicap ook geen rekening wordt gehouden met een glad of aangegroeid onderwaterschip.

  • De handicaps in ORC Club of IMS worden berekend met behulp van een snelheids voorspellings programma, Velocity Prediction Program (VPP) Het VPP is een computerprogramma, dat met als input scheepsmaten, rompvorm en tuigage op 70 zeilpunten de bootsnelheid voorspelt. Een zeilpunt wordt bepaald door een windsterkte en een windhoek. Er zijn zeven windsterktes van 6 tot 20 knopen en 10 windhoeken. Het geheel vormt een matrix van bootsnelheden die als bouwsteen dienen voor het berekenen van handicaps. Theoretisch kan er voor elke baan en windsterkte een handicap berekend worden. ORC Club beperkt zich tot enkele daarvan.

    Het VPP wordt ook gebruikt in wedstrijden en trainingen als referentie (doelsnelheid) voor de bootsnelheid. De matrix geeft immers de theoretisch haalbare snelheden. Voor trimmers en stuurmannen is het de kunst om de “doelsnelheden” zo vaak mogelijk te halen en vast te houden.

  • Jaarlijks zijn aanpassingen nodig in de handicapberekening om nieuw technologieën en ontwerpen te incorporeren en/of om door slimme ontwerperpers ontdekte onvolkomenheden (“loopholes”) te dichten. Omdat het VPP uitsluitend gevoed wordt door objectieve bootgegevens is aanpassing van individuele schepen niet mogelijk. Consequentie van deze wetenschappelijk verantwoordde aanpak is dat een wijziging doorwerkt op alle schepen. Daardoor wijzigt niet alleen de handicap van de schepen waarvoor de aanpassing bedoeld was maar ook de hele vloot, zij het in mindere mate. Je ziet dan, als ongewenst bijproduct de gehele vloot een paar seconden sneller of langzamer worden. Voor de uitslagberekening maakt zo’n verschuiving niets uit, maar echt transparant is het helaas niet.

  • SW is bedoeld voor onderlinge clubwedstrijdjes. Het is niet bedoeld voor officiële wedstrijden. Er zijn geen regels en er is geen controle. De verantwoordelijkheid voor toewijzen van SW cijfers aan individuele boten berust bij de cluborganisatoren. Ter ondersteuning verspreidt het Watersportverbond jaarlijks een CD met SW cijfers per boottype en enkele hulpregels om desgewenst te corrigeren voor de verschillen in zeiluitrusting. De SW cijfers per type (de lijst van het Watersportverbond) zijn gebaseerd op handicaps van ORC gemeten schepen.